Lessen uit de cursus pitchen
Met hulp van de Sanne Deurloo-beurs volgde ik de cursus journalistiek pitchen bij de NVJ. Twee woensdagochtenden kwamen we met zeven journalisten online bij elkaar. Journalist en docent Rineke van Houten loodste ons door de do’s en don’ts van het pitchen heen. We eindigden met een op en top verbeterde pitch, klaar om naar een redactie te sturen.
Door Hedwig Fossen
Zelf houd ik mijn pitch altijd vrij kort en krachtig, al zeg ik het zelf. Met maximaal 250 woorden vind ik dat ik een redactie alweer lang genoeg bezig heb gehouden. Maar tijdens de cursus bleek: ook een twee keer zo lange pitch kan positief uitpakken. Als je maar een goed idee hebt, of simpelweg veel deskundigheid bezit over het onderwerp dat je aandraagt.
Natuurlijk kwamen er een hoop bekende, doch onmisbare, tips voorbij. Verdiep je in het medium en de stukken die ze eerder over jouw onderwerp publiceerden. Kom met een concrete invalshoek, niet met slechts een onderwerp. Zorg voor een actueel haakje. En: maak duidelijk waarom jij het verhaal moet maken.
Dé tip die ik meeneem, omdat dit in mijn pitches nog wel eens ontbreekt: geef een inkijkje in je verhaal. Stel niet alleen vragen die je later gaat uitzoeken tijdens je inleeswerk en interviews, maar laat zien hoe jij denkt dat het verhaal in elkaar steekt. Daarin mag je best wat bluffen. Het is geen ramp als het verhaal uiteindelijk anders uitpakt dan gedacht.
Verder is het aantrekkelijk voor een redactie als je zelf een bijeenkomst bezoekt, een reportage maakt of onderzoek uitvoert. Projecten waar geen vaste redacteur voor vrij te maken is. Ook voor een freelancer kost dat natuurlijk veel tijd, maar als je het leuk vindt: vooral doen. Wie weet is het VWN Tripfonds ook nog wel voor je reporeisje in te zetten.
Voor mij was de mindere kant van de cursus het feit dat deze zich richtte op journalisten in het algemeen en niet specifiek op wetenschapsjournalisten. Dat lag natuurlijk niet aan de cursus, want ik wist waarvoor ik me had opgegeven. Hoewel het leuk was om over hele uiteenlopende onderwerpen van anderen te horen, zoals over ongedocumenteerde migranten die afval verzamelen in Barcelona, had ik er ter inspiratie voor mijn eigen werk minder aan.
Ik eindigde de cursus met een pitch over PFAS, die ik naar Quest stuurde. ‘Met deze vijf tips besta je uit minder PFAS’ was mijn onderwerpregel. Helaas was Quest niet op zoek naar nieuwe freelancers. Maar ze vonden mijn onderwerp goed, dus raadden me aan om het bij een ander medium te proberen. Dat sloot aan bij het devies van de cursus: een afwijzing betekent niet per se een slechte pitch. Kijk nog eens kritisch, schrijf hem om naar een ander medium en doorzetten maar.
Hedwig Fossen is freelance wetenschapsjournalist en commissielid van Jong VWN.